Clingendael European Health Forum 2012: GEEN ZELFZORG ZONDER E-ZORG

In 2012 staat het nieuwe Clingendael European Health Forum  in het teken van de E-Health-ontwikkelingen in Nederland. Op 8 februari a.s. wordt in verschillende bijdragen van gerenommeerde gastsprekers (o.a. de voorzitter van de Raad van Bestuur van CZ, Wim van de Meeren) de technologische innovaties aan efficiënte zorg dichtbij huis verder uitgediept. Via verschillende nieuwe rapportages zullen gastsprekers de nieuwe, vaak dynamische, ontwikkelingen voor de genodigden in kaart brengen.

Gepost in Bijeenkomsten, Nieuws, Twitter, overige | Getagged , , , , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Datum Clingendael European Health Forum 2012 bekend

De volgende editie van het jaarlijks door AmCham Pharmaceutical Committee georganiseerde Clingendael European Health Forum staat gepland op 8 februari 2012. Reserveer deze datum alvast in uw agenda! Over het onderwerp en invulling van het symposium wordt u in de komende periode nader geïnformeerd.

Gepost in overige | Reageren uitgeschakeld

Minister Schippers doet voorstellen voor voorlopige en voorwaardelijke opname van nieuwe geneesmiddelen in het pakket

    Op 19 mei stuurde Minister Schippers een brief naar de Tweede Kamer waarin zij voorstelt de opname van nieuwe geneesmiddelen in het verzekerde pakket voorlopig en  voorwaardelijk mogelijk te maken. In de brief licht zij haar nieuwe geneesmiddelenbeleid toe, dat is ingegeven door de wens om betere zorg voor de patiënt mogelijk te maken. Het beleid moet bevorderen dat patiënten toegang krijgen tot kwalitatief goede, op de individuele patiënt toegesneden farmaceutische zorg tegen zo laag mogelijke kosten door betere uitgavenbeheersing met snelle toegang tot nieuwe, innovatieve geneesmiddelen. Via deze link heeft u toegang tot de brief aan de Tweede Kamer.
Gepost in overige | Reageren uitgeschakeld

Onderzoekers hart- en vaatziekten trekken gezamenlijk naar Brussel

De belangrijkste spelers en financiers in het wetenschappelijk onderzoek naar hart- en vaatziekten in Nederland, aldus het Financieele Dagblad, gaan hun krachten bundelen. Samen optrekken moet leiden tot meer kwaliteit en snelheid en meer Europese subsidies.

Gepost in overige | Reageren uitgeschakeld

Vergrijzing dreigt Europese samenleving te ontwrichten

De vergrijzing kan er voor zorgen dat de samenleving ontwricht wordt in onder meer Europa, Rusland en China. Die vrees spreekt Richard Jackson uit. Jackson is directeur van het Global Aging Initiative uit Washington. Omdat de EU ook al aan de top zit qua economische macht en politieke invloed, zal een vergrijzende bevolking gevolgen met zich meebrengen.

Volgens Jackson wordt de VS niet zo sterk getroffen, omdat het aandeel van de westerse landen in de wereldeconomie steeds kleiner wordt. De Europese landen ondervinden hier de meeste hinder van. Prognoses van de Carnegie Foundation tonen aan dat de Europese landen in 2050 een aandeel van 10% hebben van het totale bruto binnenlands product van de G20-landen. In 2009 was dit aandeel nog 24% met alleen Groot-Brittannië, Duitsland, Frankrijk en Italië.
Dat de VS minder zwaar getroffen wordt komt ook door een relatief hoog geboortecijfer en immigratiecijfer. Dat is in de Europese regio minder. Volgens Jackson ligt het grootste risico bij een oudere bevolkingsgroep die de nationale gemoedstoestand verandert. Ouderen zijn doorgaans risicomijdend en dat heeft gevolgen voor de productiviteit van een land.

De gemiddelde levensverwachting voor Europeanen neemt elke jaar met twee tot drie maanden toe, doch een lichte stijging van de vruchtbaarheidsratio zal onvoldoende zijn om de algemene bevolkingsafname vanaf 2050 te voorkomen. Dat blijkt uit het meest recente demografisch rapport van de EU. In 2008 was de gemiddelde levensverwachting voor burgers uit de EU-27 76,4 jaar voor mannen en 82,4 jaar voor vrouwen, met belangrijke verschillen tussen de lidstaten.

In Spanje, Frankrijk, Italië en Zweden leven mensen het langst, met een levensverwachting van ei zo na 80 jaar voor mannen en 85 jaar voor vrouwen, terwijl mannen in Bulgarije, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije en Roemenië gemiddeld niet ouder worden dan 70 en vrouwen 78.

De landen met de oudste bevolking zijn Duitsland en Italië, met een mediaan van respectievelijk 44,2 en 43,1 jaar. Ierland heeft de jongste bevolking met een mediaan van 34,1 jaar. Europeanen hebben gemiddeld 1,6 kinderen, een cijfer dat een pak lager uitkomt dan de 2,1 kinderen die nodig zijn om de bevolking stabiel te houden.

Nog opmerkelijk nieuws uit het rapport: van de tien huwelijken in de EU eindigen er vier in een scheiding. Meer dan een op elke drie kinderen wordt buiten het huwelijk geboren, met ook hier grote verschillen tussen de lidstaten.

Gepost in overige | Reageren uitgeschakeld

Economen in FD: Gezondheidszorg in NL is te duur

In het FD van 4 april 2011 geven de hoogleraren Wim Groot (hoogleraar gezondheidseconomie aan UM) en Henriëtte Maassen van den Brink (hoogleraar economie aan UVA en UM) een interessante analyse over de kostenexplosie in de gezondheidszorg.

Een gastroscopie is een onderzoek waarbij met een flexibele slang de binnenkant van de slokdarm, maag en twaalfvingerige darm wordt bekeken. De slang wordt door de mond naar binnen gebracht. Met een gastroscopie kunnen een maagzweer of andere afwijkingen worden opgespoord.

Voor een gastroscopie ontvangt een ziekenhuis een vast tarief van € 348,60. Dit tarief is vastgesteld door de NZa. Gastroscopieën worden in alle Nederlandse ziekenhuizen uitgevoerd. Ook buitenlandse ziekenhuizen voeren ze uit. Als Nederlandse patiënt kun je ook in Duitse ziekenhuizen terecht. Een commercieel ziekenhuis in Duitsland rekent € 300. Daarmee is de prijs in een op winst gerichte Duitse kliniek bijna 15% lager dan de vergoeding die Nederlandse ziekenhuizen ontvangen. Het kan nog goedkoper. In Singapore kun je vanaf € 215 een gastroscopie laten doen.

Boven gemiddelde

Zorg in Nederland is duur. Dit geldt niet alleen voor de curatieve zorg, maar ook voor de verpleging en verzorging. Staatssecretaris van Volksgezondheid Marlies Veldhuijzen van Zanten zei onlangs bij de presentatie van een CDA-rapport over de langdurige zorg: ‘Langdurige zorg is nergens duurder dan in ons land. Als we nu niets doen, neemt het verschil met andere landen de komende decennia alleen maar toe. Dat kunnen we onze kinderen niet aandoen’. Desondanks wordt weinig gedaan om de zorg goedkoper te maken.

De uitgaven aan zorg per hoofd van de bevolking liggen in Nederland iets boven het Europese gemiddelde. Als wordt gecorrigeerd voor de relatief jonge leeftijdsopbouw van de bevolking dan zijn de uitgaven per persoon echter nergens hoger dan bij ons. Dat we zoveel uitgeven komt niet doordat we zoveel zorg gebruiken. Nederlanders gaan minder vaak naar een arts dan burgers in andere landen. Het geneesmiddelengebruik is in ons land ook lager dan elders. Wel verblijven bij ons betrekkelijk veel mensen in instellingen als verzorgings- en verpleeghuizen.

Hoge kostprijs

De hoge zorguitgaven worden niet veroorzaakt door een groot zorggebruik maar door de hoge kostprijs van zorg. Het tarief van een gastroscopie is daarvan een voorbeeld. Voor deze hoge kostprijs zijn twee oorzaken. De eerste zijn de inkomens van zorgverleners. Nederlandse medisch specialisten horen tot de meest verdienende ter wereld. Een Nederlandse huisarts verdient gemiddeld twee keer zoveel als zijn Belgische collega. Een andere belangrijke oorzaak is dat de zorg slecht georganiseerd is. Door het vele part-time werken zijn op vrijdagmiddag veel poliklinieken leeg. Operatiekamers en dure apparatuur worden niet optimaal benut. Door gebrekkige samenwerking moeten onderzoeken vaak opnieuw worden gedaan.

In de ‘echte’ economie leggen industrieën die zich uit de markt prijzen uiteindelijk het loodje. De textielindustrie en de scheepvaartindustrie zijn uiteindelijk uit ons land verdwenen omdat Aziatische landen dit beter en goedkoper konden dan wij. Voor de gezondheidszorg is dit geen reëel alternatief. Als je een hartinfarct krijgt, wil je niet helemaal naar Singapore moeten reizen omdat daar de zorg zo goedkoop is en deze hier verdwenen is.

Buitenland

Voor planbare ingrepen geven nu al veel patiënten in de grensstreek de voorkeur aan behandeling in een Duits of Belgisch ziekenhuis. Druk van buitenlandse instellingen kan Nederlandse ziekenhuizen dwingen efficiënter te werken.

De zorg kan ook minder duur worden gemaakt door te werken met regressieve tarieven. Het tarief van euro 348.60 omvat ook de vergoeding voor afschrijving gebouwen, apparatuur en andere vaste kosten. Deze vaste kosten zijn op een gegeven moment gedekt. Voor de ingrepen die daarna plaatsvinden kan dan met een lager tarief worden volstaan.

Bron: Het Financieele Dagblad 4 april 2011

Gepost in Nieuws, Twitter | Getagged , , , , | Reageren uitgeschakeld

livestream TEDxMaastricht

Theater Vrijthof in Maastricht is op 4 april decor van het spraakmakende event TEDxMaastricht. Voor iedereen die niet in de gelegenheid is om naar Maastricht te gaan, biedt Skipr een livestream op www.skipr.nl via welke het evenement integraal zien en horen is, vanaf 8 uur ’s ochtend tot laat in de avond.

Simulcasts wereldwijd

Skipr is mediapartner van TEDxMaastricht. Viawww.skipr.nl kunt u TEDxMaastricht de hele dag volgen. U ziet en hoort de TEDTalks in de grote zaal. Medisch Contact houdt studio-interviews; Skipr maakt in de foyer afwisselend videoimpressies met deelnemers en interviews met sprekers. De livestream gaat de wereld rond naar ‘simulcasts’: van Lux in Nijmegen, de TU Delft en het Slingeland ziekenhuis in Doetinchem tot side-events in steden als Barcelona, Athene, Stockholm en Sidney. Op deSkipr community TEDxMaastrichtkunnen deelnemers inlogen met hun LinkedIn-profiel en TEDTalks bespreken.

Let op de drie P’s

TEDxMaastricht wordt georganiseerd door het UMC St Radboud. De centrale vraag van TEDxMaastrichtis hoe patiënten, familie en mantelzorgers actief kunnen participeren in de zorg. Belangrijk daarbij zijn drie P’s. People: patiënten, familie, mantelzorgers en zorgprofessionals. Places: daar waar de zorg geleverd wordt. En Participation:  samen de zorg vormgeven en uitvoeren, daarnaast ook samen de krapte op de arbeidsmarkt, kostenexplosie, of dubbele vergrijzing aanpakken.

Compassion for care

Een andere essentiële component is ‘compassion for care‘. Compassie is een van de belangrijkste drijfveren om voor een loopbaan in de zorg te kiezen. Veel mensen verliezen in de praktijk deze drijfveer door werkdruk, protocollen, richtlijnen, of checklists. Als we willen dat de patiënt een centrale rol krijgt in zijn eigen behandelteam, moeten we voor de zorgprofessional die compassie zien te behouden, of zien terug te winnen.

Pitch: Seven Sins of Healthcare Innovation

Skipr heeft eigenzinnige denkers in de zorg de gelegenheid gegeven om in een pitch van een minuut hun ideeën te ontvouwen. Winnaar Remco Hoogendijk heeft met zijn Seven Sins of Healthcare Innovationeen plek op het podium verdiend.

TED uitgegroeid tot wereldomvattend fenomeen

TED staat voor Technology Entertainment Design. Het is in 1984 in de VS begonnen als een platform voor ideeën uit deze drie werelden. Met als credo ‘ideas worth spreading’ is TEDx uitgegroeid tot een wereldwijd fenomeen. Sprekers als Bill Clinton, Oliver Sacks en Graig Venter betraden het podium. TEDx staat voor onafhankelijk georganiseerde evenementen waar mensen bij elkaar komen om een TED-achtige ervaring te delen.

Gepost in Bijeenkomsten, Nieuws | Getagged | Reageren uitgeschakeld

Met Biofarma heeft Nederland sterke troeven in handen

Het kabinet-Rutte heeft life sciences aangewezen als topsector. Dat behoeft nadere precisering, want de life sciences zijn van belang voor verschillende economische sectoren. Een keuze voor biofarma is zowel logisch als kansrijk. Logisch als vervolg op het eerder gevoerde overheidsbeleid, want de Nederlandse uitgangspositie is goed. En kansrijk want we hebben sterke troeven in handen, meldt Gerard van Beynum in het Financieele Dagblad van 17 maart jl.

Life sciences vormen een dynamisch wetenschapsgebied dat van groot belang is voor innovaties in uiteenlopende sectoren als voeding, farma, chemie, land- en tuinbouw. Bijna al deze sectoren zijn als topsector aangewezen, behalve farma.

Omvorming van life sciences tot biofarma ligt dus vanuit dat perspectief voor de hand. Dat zou een keuze zijn voor een jonge veel belovende sector. En het zou bovendien voortborduren op het stimuleringsbeleid zoals dat de afgelopen jaren vorm heeft gekregen, bijvoorbeeld middels fors door de overheid ondersteunde publiek private samenwerkingsverbanden.

Omvorming tot biofarma zou bovendien voortbouwen op de ontwikkeling die zich al 25 jaar in de Nederlandse biofarmasector voltrekt. Die heeft inmiddels een groot aantal kleine en grotere jonge bedrijven opgeleverd, evenals een aantal succesvolle bioentrepreneurs zoals Valerio en Van der Stolpe in Leiden en Van der Winkel en Logtenberg in Utrecht.

Nederland kent thans ook een handvol ervaren en in de biofarma gespecialiseerde venture-capitalbedrijven als Gilde, Forbion en Life Sciences Partners. Kortom, er is de afgelopen kwarteeuw veel tot stand gebracht, waardoor Nederland thans een aantal sterke troeven in handen heeft.

Het is dan ook meer dan de moeite waard om het met veel geld en energie op gang gebrachte vliegwiel in beweging te houden. Uiteraard wel na een kritische beschouwing van de oude instrumenten, onze huidige uitgangspositie en de uitdagingen voor de toekomst.

Tot de uitdagingen behoren het verlagen of zelfs wegnemen van de drempels aan de achterkant van het innovatieproces (markttoelating en vergoeding van nieuwe geneesmiddelen), het bijsturen van de te ver doorgeschoten verbrokkeling van de sector in een zeer groot aantal te kleine bedrijven en het zorgen voor voldoende kwalitatief hoogwaardig management dat van deze bedrijfjes een succes weet te maken.

Wat betreft de verbrokkeling zou er in het nieuwe beleid gestuurd moeten worden op het samengaan (is iets anders dan samenwerken) van de vele kleine bedrijfjes, vaak slechts gebouwd op één technologie en/of product, tot meer robuustere bedrijven. Van veel van die kleintjes is niet in te zien hoe ze op eigen kracht tot volle wasdom moeten komen, nog afgezien van het feit dat ons land niet over voldoende kwalitatief hoogwaardige ondernemers en managers beschikt om al die kleine bedrijfjes te bemannen.

Op veel plaatsen in de wereld neemt de biofarmasector al een voorname plaats in in het streven naar een innovatieve industriesector. Nederland moet en kan hierin niet achterblijven.

Gerard van Beynum werkte bij Gist-brocades en Pharming en is thans commissaris bij life-sciencesbedrijven.

Gepost in Nieuws, overige | Reageren uitgeschakeld

Wouter Bos versterkt conclusies Clingendael Health Forum 2011:”Zorg ontkomt niet aan privaat geld”



Voormalig minister van Financiën Wouter Bos meent dat private investeerders in ziekenhuizen op termijn onvermijdelijk zijn. Bos, tegenwoordig adviseur bij KPMG, onderschrijft de plannen van minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) die marktwerking in de zorg wil uitbreiden, zoals zij deze week aankondigde. Bos maakt zijn opmerkingen in NRC Handelsblad van 16 maart jl.  Eerder kwamen tijdens het Clingendael Health Forum diverse sprekers tot dezelfde conclusie. Hun bijdragen staan op deze website of u kunt ze in het audioverslag beluisteren.

Met zijn opmerkingen toont Bos zich, aldus deze krant,  minder een tegenstander van marktwerking dan een jaar geleden. In de verkiezingscampagne noemde hij meer marktwerking in de zorg door het verder vrijgeven van de prijsvorming bij ziekenhuizen „niet nodig” en „niet verantwoord”. Bos zegt daar nu over: „Mijn probleem zit niet in het percentage marktwerking, maar wat we doen als de kosten uit de hand lopen.” Zijn eerdere standpunt was gebaseerd op het gebrek aan informatie over de gevolgen van vrijere prijzen. Bos zegt dat hij zich destijds ideologisch verzette tegen winstuitkeringen bij ziekenhuizen.

Bos signaleert in NRC Handelsblad dat private investeerders in ziekenhuizen onafwendbaar zijn, iets wat voor de PvdA nog steeds onbespreekbaar is. „Vroeg of laat komt er privaat geld in de zorg. Ik hoop dat de discussie tijdig gevoerd wordt. Als je daar niet over nadenkt, dan overvalt het je straks als ziekenhuizen extern kapitaal móeten aantrekken.”

Hij heeft, in de NRC, kritiek op de manier waarop hij zelf als minister de budgetten van ziekenhuizen verlaagde. Hij noemt dat op termijn juridisch onhoudbaar. Het was volgens hem destijds een „noodzakelijke stap” in zijn rol van schatkistbewaarder om greep te houden op de overheidsuitgaven, maar hij noemt het tegelijkertijd „buitengewoon onredelijk” en „een brute manier van kostenbeheersing”. Volgens Bos is hij niet van mening veranderd, maar van rol. „Mijn visie is niet zoveel anders. Hij is wat meer ingevuld door de praktijk.”

——————————————————————————————-

Toen Wouter Bos nog minister van Financiën was, kortte hij „uit volle overtuiging” op de budgetten van ziekenhuizen. Nu hij adviseur in de zorg is, noemt hij dat „onredelijk”. Kwestie van voortschrijdend inzicht.

Een jaar geleden verraste hij Nederland door zijn acute vertrek uit de politiek, nu heeft hij zich zijn nieuwe functie meer dan eigen gemaakt. Wouter Bos, voormalig PvdA-leider en oud-minister van Financiën, praat alsof hij altijd werkzaam is geweest als adviseur in de zorg. Sinds oktober is Bos partner bij adviesconcern KPMG, in een splinternieuw hoofdkantoor aan de A9 in Amstelveen. Vier dagen per week.

Zijn keuze was logisch, in zijn ogen. Hij wilde meer tijd voor zijn gezin. En de financiële sector is interessant, maar hij heeft er nooit zijn hart aan verpand. „De zorg raakt mij veel meer. Het is zo complex en daardoor intellectueel uitdagend. Er zijn weinig terreinen met zoveel verschillende dimensies die tegelijkertijd spelen. Het gáát ergens om. Vraag je mensen wat ze belangrijk vinden in het leven, dan zullen ze altijd zeggen dat dat hun gezondheid is.”

Onderwerp van gesprek is dat nieuwe werkterrein. In de week dat minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) verdere liberalisering van de ziekenhuistarieven aankondigt, willen wij weten hoe hij daar als deskundige én als oud-minister van Financiën tegen aan kijkt.

Hoe beheersbaar zijn de zorgkosten?

„Met de huidige vooruitzichten is het stelsel niet houdbaar. Iedereen weet dat, als je uitgaven harder stijgen dan je salaris, je vroeg of laat een enorm probleem hebt. De verwachting is dat het nationaal inkomen voor een he-le lan-ge tijd minder dan twee procent per jaar zal stijgen, terwijl de zorgkosten waarschijnlijk met meer dan het dubbele toenemen. Dat hou je dus niet vol. Dat betekent óf dat je als overheid steeds minder geld uitgeeft aan onderwijs, aan sociale zekerheid, aan wegen, aan defensie en aan alle andere dingen die je belangrijk vindt. Of de belastingen en premies gaan omhoog.”

Of je beheerst de kosten door de vraag naar zorg af te remmen.

„Tsja, dat klinkt interessant, alleen is dat nog nooit gelukt. De recente historie laat zien dat de ramingen van de zorguitgaven telkens weer te laag zijn. In het laatste decennium heeft het ministerie van Volksgezondheid negen van de tien jaar begrotingsoverschrijdingen gehad, waarbij andere ministers, die toevallig geld over hadden, te hulp moesten schieten. Daarmee kon je voorkomen dat je op een pijnlijke manier in de dekkingen van de basisverzekering moest gaan snijden of eigen bijdrages moest gaan verhogen.”

„Vaak wordt gezegd dat de kosten verlaagd kunnen worden door technologische vooruitgang. Dat dachten we tien jaar geleden ook. Maar de groeivoet is niet lager geworden. Als iets beschikbaar is, als mensen weten dat iets kan, wordt het ook geëist. De groeiende genetische kennis leidt er bijvoorbeeld straks toe dat je bij de geboorte al potentieel ziek bent en de rest van het leven bestaat uit de behandeling van die potentiële ziektes. Nou, dat maakt de zorg niet goedkoper. Als we de overwinning meemaken dat kanker niet meer een levensbedreigende ziekte is, dan is het daarna een chronische ziekte… Dat maakt het ook niet goedkoper. Er zullen in de toekomst hele gerichte op maat gesneden vormen van medicatie komen, toegespitst op jouw individuele genetische structuur. Het zijn schitterende ontwikkelingen en niemand zal durven zeggen dat we die tegen moeten houden. Maar het zal de druk op de kosten wel alleen maar verder vergroten.”

Meer zorg is toch hogere welvaart?

„Dat is een hele moeilijke. Als die redenering klopt zou je geen enkele rem hoeven te zetten op de zorgkosten. Maar er is nu eenmaal ondoelmatigheid en bureaucratie. En, nog belangrijker, mensen hebben niet de keuze om hun welvaart te vermeerderen door een extra euro te besteden aan de zorg of aan een grote auto of een verre vakantie. Nee, die zorgpremie is verplicht. Het is eigenlijk een soort belasting omdat iedereen verplicht is een basisverzekering af te sluiten. Als democraat en ook als econoom zeg ik: je kunt een belasting die je verplicht oplegt niet eindeloos verhogen met het verhaal dat dat de welvaart van mensen vergroot. De essentie van de politieke bemoeienis met de zorg is dat niemand onder die verplichte premie uit kan. Als de burgers dat verplicht moeten betalen zal de politiek altijd wat willen zeggen over de hoogte daarvan. Als democraat begrijp ik dat. Je kunt niet als politiek je handen aftrekken van de kostenontwikkelingen in de zorg en het vervolgens steeds maar weer omslaan over de premies die de burgers verplicht betalen. We laten ook onderwijzers niet bepalen wat het onderwijs kost.”

Hoe ging ‘minister Bos’ daar mee om?

„Als minister van Financiën moest ik de kosten bewaken, terwijl de minister van Volksgezondheid meer vanuit de belangen van patiënten, ziekenhuizen en de zorgsector dacht. Ik heb destijds als bewaarder van de schatkist uit volle overtuiging budgetkorting toegepast [de verlaging van het vaste bedrag dat ziekenhuizen jaarlijks van de overheid krijgen, red]. Maar het is natuurlijk voor betrokken partijen een buitengewoon onredelijk instrument. Ten eerste omdat we vaak pas na een jaar of twee, drie weten dat er sprake is van een kostenoverschrijding door alle ziekenhuizen bij elkaar. En dan worden ziekenhuizen dus gekort om iets wat een paar jaar geleden gebeurd is. Ten tweede treft zo’n korting alle partijen in de zorg, ook partijen die helemaal niet hebben bijgedragen aan die kostenoverschrijdingen. De ziekenhuizen die de problemen veroorzaken zijn eigenlijk een soort free riders: die weten dat anderen zullen meebetalen. Efficiëntie loont dus niet! Als je goed op je budget let, word je immers net zo hard getroffen als alle andere ziekenhuizen. Ik denk daarom dat die budgetkorting vroeg of laat bij de rechter zal sneuvelen. Daarom kan je kijken of de budgetverantwoordelijkheid niet ergens anders gelegd moet worden, bijvoorbeeld bij de zorgverzekeraars. Daar is minister Schippers nu mee bezig.”

Kon dat niet eerder bedacht worden?

„Vergeet niet dat de inzichten van de belangrijkste adviseurs volstrekt, en dan ook volstrekt, zijn veranderd. Eerst ging het Centraal Planbureau er vanuit dat meer marktwerking in miljarden besparingen resulteerden door meer doelmatigheid. Inmiddels schat het CPB dat dit nul euro oplevert.”

Bos veert naar voren uit zijn stoel, zijn ogen vlammen.

„Nul!”

„Dat was de grote frustratie van Ab Klink. Een van de argumenten voor meer marktwerking was nu juist dat het besparend zou werken, dat het de overheidsfinanciën op lange termijn zou versterken. Maar gaandeweg, door het voortschrijdend inzicht van het CPB, verdween dat voordeel, Nu weten we dat meer marktwerking de prijs kan drukken, maar het aantal verrichtingen door artsen waarschijnlijk omhoog jaagt. Dus zie je de totale zorgkosten omhooggaan. Dan heb je dus paardenmiddelen nodig om de kosten in de hand te houden.”



Gepost in Nieuws, overige | Reageren uitgeschakeld

Biotechbedrijven vragen in rapport om deregulering in de praktijk

Click here to find out more!

In Nederland kunnen biotechbedrijven de veranderingen succesvol benutten die zich wereldwijd voltrekken bij de ontwikkeling van geneesmiddelen. Essentiële voorwaarde is dat Den Haag zijn spreekwoordelijke betrokkenheid bij de bedrijven omzet in daden, aldus Arwin van der Linden van PwC in het Financieele Dagblad (FD) van 16 maart jl.  Zijn organisatie publiceerde die dag het rapport ‘Farma 2020′.

Het rapport, aldus het FD, komt op een moment dat een discussie die op gang komt over de toekomst van de sector na de teloorgang van Organon in Oss en Abbott in Weesp.

‘De overheid moet drie dingen doen’, zegt Van der Linden in deze krant. ‘De overheid moet serieus zaak maken van deregulering, helpen bij koudwatervrees van private investeerders en zorgdragen dat het universitaire fundamentele onderzoek in Nederland minimaal op peil blijft.’

Van der Linden spreekt  in het FD van dringende verlangens ‘van al onze klanten in deze sector’. Allereerst deregulering. ‘We kennen voorbeelden waarbij biotechbedrijven geen toestemming kregen voor het testen van hun medicijn. Ze moesten noodgedwongen uitwijken naar een ander Europees land. Het is moeilijk te verteren als je mag testen op een Europeaan, als het maar geen Nederlander is.’


Een ander probleem is het feit, meldt het FD, dat private investeerders wel participeren in startende biotechbedrijven, maar niet thuisgeven als kapitaal nodig is voor het aantonen van de veiligheid en effectiviteit van een ‘proof of concept’. Investeerders durven die fase van 6 tot 8 jaar zonder dat er zicht is op een product, niet aan.

Van der Linden ziet hier een taak voor de overheid bijvoorbeeld door steun te geven aan een kapitaalfonds dat private investeerders over de brug helpt. ‘Goede en betaalbare medicijnen vormen ook een maatschappelijk doel. Als de markt dat autonoom niet voor elkaar krijgt, is het aan de overheid om de imperfecties in het marktmechanisme op te heffen.’

Als derde opgave voor de overheid noemt Van der Linden het minimaal op peil houden van het universitaire onderwijs en daarnaast het verhogen van de kwaliteit van het fundamentele onderzoek.

‘Dat is mogelijk door niet langer in den blinde vele kleine initiatieven in de sector te steunen, maar door aan te sturen op een kwalitatieve selectie van kennisgebieden zoals oncologie, gentherapie en neurologie.’

Actie op dit gebied is dringend gewenst, aldus Van der Linden, omdat het hoge kennisniveau, dat alom in de wereld wordt erkend, het sterkste punt is van de Nederlandse biotechsector. ‘Dit is te danken aan het feit dat biotechbedrijven en medische faculteiten intens samenwerken.’

De sector kan die kennispositie verder uitbuiten nu de grote farmaconcerns de koers verleggen van medicijnen voor de massa naar medicijnen die inspelen op de individuele patiënt. ‘De Nederlandse sector kan vanuit zijn kennispositie heel goed op die niches in de markt inspelen.’ signaleert het FD.

Gepost in overige | Reageren uitgeschakeld